Academische audit
Brutowinstgevendheid (GP/assets)
Brutowinstgevendheid, geintroduceerd door Novy-Marx (2013) in "The Other Side of Value: The Gross Profitability Premium", gaat long in bedrijven met hoge brutowinst geschaald op totale activa en short in bedrijven met lage brutowinstgevendheid, op basis van de bevinding dat brutowinst een schonere maatstaf is voor economische "kwaliteit" dan nettowinst en de dwarsdoorsnede van aandelenrendementen voorspelt.
Wat we vonden
Dit is een van de zeldzame gefaalde factoren met echte, meetbare rangschikkingsvaardigheid. Op ons survivorship-vrije Amerikaanse common-stock-panel versloeg de echte constructie 99% van willekeurige mandjes (placebo P99), dus de rangschikking is geen toeval — het signaal is statistisch echt. Maar statistische significantie is niet hetzelfde als belegbaarheid. De risico-gecorrigeerde RF is slechts 0.56, onder 1, wat betekent dat de na-kosten, drawdown-gecorrigeerde uitbetaling te zwak is om te traden als marktneutrale long/short-spread, en het slechtste jaar blijft een verlies (slechtste-jaar RF -0.69). De les is dezelfde waar deze hele audit steeds op terugkomt: rangschikkingsvaardigheid is geen belegbaarheid. Een factor kan aantoonbaar echt zijn en toch de kostendrempel in verhandelbare vorm niet halen.
- Data: survivorship-vrij 1077-name Amerikaans common-stock-panel, 2005-2026. Liquiditeitsbewuste gemodelleerde kosten.
- Placebo / robuustheidstest: echt resultaat vs 200 willekeurige mandjes (echt vs het percentiel van willekeurige mandjes).
Vind de paper (Google Scholar) ↗
Research, geen beleggingsadvies. “Validated” factor-legs zijn marktneutrale diversifierende bouwstenen met een verliezend slechtste jaar — geen enkele is een op zichzelf staande verhandelbare strategie. Metrics zijn kostbewust en gemodelleerd (geen live fills); het testvenster 2005–2026 is out-of-sample ten opzichte van de bronpaper. Dollarbedragen zijn geen rendementen en zijn bewust weggelaten.